Gulle gift

“Neem gerust een paar paaseitjes, hoor. Je moet zo ook echt even een blauwe proberen.”

“Hoezo, lust je die zelf niet?”

Shit.
Ze heeft me door.

Robot

Poor professor Rattleknot
He was not so smart
Instead of making the perfect machine,
He gave this boy a heart!
Now the robot is in love
And dances night and day
If Rattleknot shares in his delight
I really dare not say.

For Illustration Friday.
(click for more Illustration Friday)

Diner aan de Maas

“Zullen we straks uit eten gaan?” vraagt Erwin nadat ik herhaardelijk over verveling heb geklaagd en hij door de kattenallergie mijn huis zo snel mogelijk wil ontvluchten. Ik stem in. We moeten nog wel even pinnen vooraf, maar Erwin weet een automaat te staan. Wist te staan eigenlijk, want het ding is van zijn plek verdwenen. Dan maar zorgen dat we het halen met de 37 euro die we nog op zak hebben, dat moet ook best te doen zijn. Het restaurant ziet er verlaten uit. DICHT DOOR BRAND- EN WATERSCHADE lezen we op de deur. We rijden door naar Delfshaven en parkeren de auto aan het water. Het is tot 8 uur betaald parkeren dus ik prop mijn chipknip in een betaalpaal, maar krijg hem er niet meer uit. De paal weigert alle medewerking! Ik onderdruk mijn paniek en na tien minuten krijgen we mijn pas eruit gepeuterd. Op zoek naar een tent waar je met pin kunt betalen. We vinden er een, maar die wil meteen een vermogen van mijn rekening afhalen. We lopen door. Toch maar even pinnen. De cafeetjes waar we langslopen zitten of bomvol, of serveren niks te eten. Ondertussen is het 19.00 uur en rond 20.00 uur worden we in Zevenkamp verwacht voor een housewarming. Erwin stelt voor om patat te halen en in de auto op te eten. Wat ongezellig, denk ik, maar ik zie in dat we niet veel andere opties meer hebben, dus we gaan weer op weg. Nog twee dichte frietkramen passeren we voordat we er een vinden waar ik twee patat met, een kroket, een frikadel en twee blikjes cola bestel. We rijden ermee naar de Westerkade en parkeren daar aan het water. Erwin lacht me uit dat ik nog nog nooit in de auto gegeten heb. Ondertussen geniet ik van mijn patatje en het prachtige uitzicht op de Maas. Weer een ervaring rijker.

Takkie

Takkie heeft de hele winter mijn voeten lekker warm gehouden. De wasmachine heeft hem een beetje toegetakeld, maar zodra het lekker weer wordt mag hij met pensioen. Ook Takkie wacht met smart op de lente.

Vennenbos

Op vakantie was vroeger nooit echt een doorslaand succes. Wat mijn ouders ook verzonnen om ons een plezier te doen, echt enthousiast waren mijn zus en ik nooit te krijgen. We wilden gewoon het liefst weer naar huis. Nu schaam ik me diep voor die ondankbaarheid, maar blijkbaar moesten we het genieten van een vakantie toen nog leren.
Uitzondering op de regel is het Vennenbos. Aan het Vennenbos, toen nog van Center Parcs, nu van Landal, heb ik alleen maar goede herinneringen. Toegegeven, veel concrete herinneringen heb ik er niet meer aan, daarvoor is het te lang geleden, maar een warme glimlach borrelt toch meteen naar boven. Het stikte er van de eekhoorntjes, dat weet ik nog wel. En het rook er lekker naar bos. Als stadskind was dat natuurlijk al een belevenis op zich.
Nu is mijn zus met haar gezin een midweek naar het Vennenbos. Ik hoop dat mijn neefje het er net zo fijn heeft als wij het er vroeger hadden. En dat hij de eekhoorntjes de groeten doet.

Skatjes

We hebben het best gezellig saampjes. De ene huppelt de hele tijd vrolijk achter me aan en dan kletsen we even. De ander vindt me tot nu toe vooral ‘s nachts lief. Dan komt hij kroelen en kopjes geven. ‘s Morgens is hij zijn liefde helaas totaal vergeten en duikt hij meteen weer op een onmogelijke schuilplek. Maar hij durft er steeds eerder en steeds vaker uit, dus dat gaat de goede kant op. Vanavond komt hij waarschijnlijk helemaal los op zijn eigen verjaardagsfeest. Ik heb karaoke gepland.

Kattenkwaad

Ik heb vannacht geen oog dicht gedaan. Oorzaak: twee harige logés, die me met verschillende tactieken wakker hielden. Tikkertje door het huis, lekker wroeten in de kattenbak en klauteren over de verwarming vinden de nachtbrakertjes wel leuk. Ook de fluitende vogeltjes werden met luid enthousiasme onthaald. De kat die normaal gesproken stil is, kwam nu steeds hard mauwend de slaapkamer in en de kat die je altijd de oren van het hoofd kletst, zweeg vannacht in alle talen. Dat vond ik al enigszins verontrustend. Maar het meest lag ik nog wakker van het gepieker over stikgevaar in de stoffige verstopplek onder het bed, over giftige plantenblaadjes en over losliggende bedrading waar mijn vriendjes in verstrikt zouden kunnen raken. De twee hazenslaapjes tussendoor heb ik besteed aan dromen over kuchende(!) en zieke katten.
Kortom, we moeten nog even aan elkaar wennen. Maar ik verheug me op een herkansing vannacht.